Veel vragen over voeding, gezondheid en gedrag bij runderen komen uiteindelijk neer op de opbouw van het rantsoen. Wat moet een rund nu écht krijgen om goed te kunnen functioneren?
Een begrip dat daarbij vaak terugkomt, is structuur. Toch blijft dit voor veel hobbyhouders iets abstracts. Wat wordt er precies bedoeld met structuur, en waarom speelt het zo’n grote rol in de gezondheid en vertering van een rund?
Structuur is meer dan alleen vezels
Structuur wordt vaak in één adem genoemd met vezels, maar het is niet hetzelfde.
Vezels zeggen iets over de samenstelling van het voer. Structuur gaat over de fysieke vorm: de lengte, hardheid en opbouw van het materiaal.
Langvezelig hooi heeft bijvoorbeeld veel structuur, terwijl fijner of sneller opneembaar voer vaak minder structuur bevat. Ook wanneer er wel vezels aanwezig zijn, kan het ontbreken van fysieke lengte en stevigheid invloed hebben op hoe het voer zich gedraagt in de pens.
Juist die fysieke eigenschappen bepalen voor een groot deel hoe de vertering verloopt.
Kauwen en herkauwen als basis
Runderen zijn gemaakt om te kauwen. Niet alleen tijdens het eten, maar juist ook daarna, wanneer ze in rust herkauwen.
Structuurrijk voer zorgt ervoor dat dieren langer bezig zijn met eten en intensiever blijven kauwen. Dit verlengt de tijd die nodig is om het voer op te nemen en stimuleert het herkauwproces.
Tijdens dit kauwen en herkauwen wordt veel speeksel geproduceerd. Dit speeksel speelt een belangrijke rol bij het stabiliseren van de zuurgraad in de pens. Het werkt als een natuurlijke buffer en helpt voorkomen dat de pens te zuur wordt.
Wanneer er te weinig structuur in het rantsoen zit, neemt de kauwtijd af. Daardoor wordt er minder speeksel geproduceerd en wordt de pens gevoeliger voor verstoringen.
Rust in het rantsoen
Structuur heeft niet alleen invloed op de vertering, maar ook op het gedrag van het dier.
Voer met weinig structuur wordt vaak sneller opgenomen. Dit kan leiden tot pieken in de vertering en een minder stabiel verloop in de pens. Dieren zijn sneller klaar met eten en kunnen daardoor onrustiger worden rond voermomenten.
Structuurrijk voer zorgt juist voor een gelijkmatiger verloop. Doordat dieren langer bezig zijn met eten en herkauwen, ontstaat er meer spreiding in de voeropname en meer rust in het dier.
De pens functioneert het best wanneer er sprake is van continuïteit, niet van snelle pieken.
Wanneer is er te weinig structuur?
Een tekort aan structuur is niet altijd direct zichtbaar, maar uit zich vaak in subtiele veranderingen.
Zo kan het herkauwen afnemen en kan de voeropname onrustiger verlopen. Sommige dieren lijken sneller weer honger te hebben, terwijl de totale voeropname niet per se lager is. Ook de mest kan wisselender worden van structuur.
Deze signalen wijzen niet altijd direct op een probleem, maar kunnen wel aangeven dat de basis van het rantsoen niet optimaal is opgebouwd.
Structuur als fundament
Structuur vormt, samen met vezels, de basis van een stabiele penswerking. Wanneer er voldoende structuur aanwezig is, blijft de kauwtijd op peil, wordt er voldoende speeksel geproduceerd en blijft de omgeving in de pens stabieler. Ontbreekt deze basis, dan wordt de vertering gevoeliger voor schommelingen.
Die structuur wordt niet alleen bepaald door wat je voert, maar ook door hoe het rantsoen is opgebouwd. De kwaliteit van het ruwvoer, de lengte van het materiaal en de verhouding tussen verschillende voersoorten spelen hierin allemaal een rol. Juist de combinatie van deze factoren bepaalt hoe het voer zich gedraagt in de pens.
Daarom begint een goed rantsoen niet bij energie of eiwit, maar bij de vraag of de basis klopt en er voldoende structuur aanwezig is om de pens rustig en stabiel te laten functioneren.
Een ruwvoermix kan hierin een rol spelen, doordat het verschillende vezelbronnen combineert en zo bijdraagt aan variatie in structuur binnen het rantsoen. Niet als vervanging van ruwvoer, maar als aanvulling om die basis verder te ondersteunen.
Tot slot
Structuur lijkt misschien een klein detail, maar heeft een grote invloed op de gezondheid en het gedrag van runderen.
Wie stuurt op structuur, stuurt indirect op rust, vertering en balans.
En zoals bij alles rondom herkauwers geldt: wat in de pens gebeurt, bepaalt uiteindelijk hoe het dier functioneert.
Praktisch toepassen?
Een goede balans begint bij ruwvoer en de juiste aanvulling.