Urinestenen komen relatief vaak voor bij bokken en rammen en kunnen een ernstig gezondheidsprobleem vormen. In de urinewegen kunnen kleine kristallen ontstaan die vastlopen in de plasbuis. Omdat de urinebuis bij bokken lang en smal is, kan een verstopping relatief snel optreden.
Gecastreerde dieren zijn vaak extra gevoelig. Wanneer bokken op jonge leeftijd worden gecastreerd, stopt de hormonale ontwikkeling van de urinebuis eerder, waardoor deze smaller blijft. Dat vergroot de kans dat kristallen later vast komen te zitten.
Wanneer een dier niet meer kan urineren, kan de situatie binnen één tot twee dagen levensbedreigend worden. Het is daarom belangrijk om signalen vroeg te herkennen en te begrijpen welke rol voeding kan spelen bij het ontstaan van urinestenen.
Waarom ontstaan urinestenen?
Een belangrijke factor bij het ontstaan van urinestenen is de verhouding tussen calcium en fosfor in het rantsoen. Voor kleine herkauwers ligt een veilige verhouding meestal rond anderhalf tot tweeënhalf deel calcium per deel fosfor.
Wanneer een dier relatief veel fosfor binnenkrijgt en minder calcium, kunnen mineralen gemakkelijker kristallen vormen in de urine. Dat gebeurt vooral wanneer voeding veel granen bevat. Granen zoals tarwe, maïs en gerst bevatten van nature meer fosfor en minder calcium, waardoor de verhouding in het rantsoen kan verschuiven.
Bij hobbydieren speelt dit risico vooral wanneer er regelmatig graanrijke brokken of andere energierijke voeders worden bijgevoerd.
Andere factoren die het risico vergroten
Naast de mineralenbalans spelen ook andere factoren een rol. Dieren die weinig bewegen of te zwaar worden, hebben vaker problemen met urinestenen. Ook een lage wateropname kan bijdragen, omdat geconcentreerde urine het makkelijker maakt voor kristallen om zich te vormen.
De kwaliteit van het ruwvoer is eveneens belangrijk. Wanneer ruwvoer weinig structuur bevat of de totale voeding uit balans raakt, kan dat indirect invloed hebben op de mineralenhuishouding en het metabolisme van het dier.
Voor sobere rassen, die energie efficiënt benutten, is het daarom extra belangrijk om het rantsoen rustig en vezelrijk te houden.
Hoe herken je urinestenen?
De eerste signalen zijn vaak subtiel. Een dier kan vaker proberen te plassen, maar er komt slechts een kleine hoeveelheid urine. Soms zie je dat het dier onrustig wordt, minder eet of met een bolle rug staat door buikpijn.
Wanneer een bok of ram helemaal niet meer kan urineren, ontstaat een spoedsituatie. De blaas kan overvol raken of zelfs scheuren, en afvalstoffen kunnen zich in het lichaam ophopen. In zo’n situatie is snelle behandeling door een dierenarts noodzakelijk.
Behandeling
Wanneer urinestenen worden vermoed, is het belangrijk om snel een dierenarts te raadplegen. Zelf behandelen is niet mogelijk. Afhankelijk van de situatie kan een dierenarts proberen de verstopping te verhelpen of in ernstigere gevallen een operatieve ingreep uitvoeren.
Dieren die eenmaal urinestenen hebben gehad, blijven vaak gevoeliger. Daarom is het aanpassen van het voerbeleid daarna extra belangrijk.
De rol van voeding bij preventie
Voeding speelt een belangrijke rol bij het verkleinen van het risico op urinestenen. Voor bokken en rammen vormt ruwvoer de veiligste basis van het rantsoen. Gras, hooi of een vezelrijke ruwvoermix zorgen voor een stabiele vertering en ondersteunen een evenwichtige mineralenbalans.
Het regelmatig voeren van granen of graanrijke brokken kan de verhouding tussen calcium en fosfor verstoren. Voor hobbydieren is dat meestal niet nodig, omdat hun energiebehoefte relatief laag is.
Een balancer kan helpen om vitaminen, mineralen en sporenelementen aan te vullen die in ruwvoer soms ontbreken, zonder dat er extra energie of granen worden gevoerd. Zo blijft het rantsoen compleet terwijl de balans behouden blijft.
Daarnaast zijn voldoende vers drinkwater en dagelijkse beweging belangrijk. Beide factoren helpen om de urine verdund te houden, waardoor mineralen minder snel kristallen vormen.
Castratie en risico
Ook het moment van castratie kan invloed hebben op het risico op urinestenen. Wanneer bokken of rammen zeer jong worden gecastreerd, krijgt de urinebuis minder tijd om zich volledig te ontwikkelen.
Door castratie iets later uit te voeren, kan de urinebuis vaak breder uitgroeien, wat de kans op verstoppingen later in het leven kan verkleinen.
Tot slot
Urinestenen ontstaan meestal niet door één enkele oorzaak, maar door een combinatie van factoren zoals voeding, mineralenbalans, wateropname en beweging.
Een vezelrijk rantsoen met ruwvoer als basis, aangevuld met een passende mineralenvoorziening, helpt om de balans stabiel te houden. Door daarnaast goed te letten op gedrag en plasgedrag van bokken en rammen, kunnen problemen vaak eerder worden opgemerkt.
Vroege signalen herkennen en tijdig ingrijpen kan het verschil maken voor de gezondheid van het dier.
Praktisch toepassen?
Een goede balans begint bij ruwvoer en de juiste aanvulling.
Bekijk hier onze ruwvoermixen en balancers voor schapen en geiten: