In veel weides en stallen staat er één: een liksteen. Voor veel hobbyhouders voelt zo’n blok bijna vanzelfsprekend. Het idee is simpel: dieren likken eraan wanneer ze iets nodig hebben en regelen zo hun eigen mineralenvoorziening.
Maar hoe werkt dat eigenlijk bij schapen en geiten? En is een liksteen voldoende om het rantsoen compleet te maken? Om dat te begrijpen is het goed om eerst te kijken waar likstenen oorspronkelijk voor bedoeld zijn.
Waarom dieren aan een liksteen likken
De meeste likstenen bestaan voornamelijk uit zout. Zout is een mineraal dat dieren actief opzoeken wanneer ze er behoefte aan hebben. In de natuur doen dieren dat ook, bijvoorbeeld door aan zouthoudende grond of mineralenrijke plekken te likken.
Wanneer er een zoutblok in de wei ligt, zullen veel dieren daar vanzelf af en toe van likken. Dat gedrag is dus heel normaal en sluit aan bij hun natuurlijke behoefte.
Sommige likstenen bevatten naast zout ook andere mineralen en sporenelementen. Daardoor ontstaat vaak het idee dat zo’n blok automatisch alle tekorten in het rantsoen kan aanvullen.
Waarom opname moeilijk te sturen is
Het lastige van likstenen is dat je nooit precies weet hoeveel een dier daadwerkelijk opneemt. Sommige dieren likken er regelmatig aan, terwijl andere er nauwelijks naar omkijken.
In een kudde speelt ook rangorde een rol. Dominantere dieren hebben vaak makkelijker toegang tot de liksteen dan lagere dieren in de groep. Daardoor kan de opname per dier sterk verschillen.
Dit betekent dat een liksteen wel een bijdrage kan leveren aan de mineralenvoorziening, maar dat het moeilijk is om erop te vertrouwen als enige bron van mineralen.
De rol van likstenen in een rantsoen
Voor veel hobbydieren vormt ruwvoer de basis van het rantsoen. Hooi en gras leveren vezels, energie en een deel van de benodigde mineralen. Tegelijk kan de samenstelling van ruwvoer sterk variëren, afhankelijk van bodem, seizoen en hooipartij.
Een liksteen kan in zo’n rantsoen een rol spelen als extra bron van zout en kleine hoeveelheden mineralen. Het helpt dieren om in hun zoutbehoefte te voorzien en kan een aanvulling zijn op de basisvoeding.
Het blijft echter lastig om via een liksteen een constante en goed afgestemde mineralenvoorziening te garanderen.
Selenium- en koperlikstenen
Naast gewone zoutlikstenen bestaan er ook likstenen die extra sporenelementen bevatten, zoals selenium of koper. Deze worden soms gebruikt om mogelijke tekorten in een kudde aan te vullen.
Hoewel dat logisch klinkt, is het bij dit soort likstenen extra belangrijk om voorzichtig te zijn. De opname via een liksteen blijft namelijk moeilijk te sturen. Sommige dieren likken er veel aan, terwijl andere dieren er nauwelijks gebruik van maken.
Bij sporenelementen zoals selenium en koper speelt bovendien mee dat dieren er maar kleine hoeveelheden van nodig hebben. Zowel een tekort als een langdurig overschot kan problemen geven.
Vooral bij koper is dit relevant, omdat niet alle schapenrassen dezelfde gevoeligheid hebben. Sommige rassen hebben juist een hogere koperbehoefte, terwijl andere rassen koper sneller kunnen opstapelen. In de blog over koper bij schapen lees je uitgebreider hoe deze verschillen tussen rassen ontstaan en waarom Nederlandse omstandigheden daarbij een rol spelen.
Liksteen en balancer tegelijk gebruiken
Soms worden likstenen gebruikt naast een rantsoen waarin al een balancer wordt gevoerd. In zo’n situatie is het goed om naar het totale rantsoen te kijken.
Een balancer is bedoeld om het rantsoen gericht aan te vullen met vitaminen, mineralen en sporenelementen in hoeveelheden die aansluiten bij de behoefte van het dier. Wanneer daarnaast ook likstenen met extra mineralen worden aangeboden, kan de totale opname minder goed te overzien zijn.
Dat betekent niet dat een liksteen altijd direct een probleem vormt, maar het kan de balans in het rantsoen wel minder voorspelbaar maken. Vooral bij sporenelementen zoals selenium en koper is het daarom verstandig om naar het geheel van de voeding te kijken.
Wie meer wil begrijpen over hoe mineralen, vertering en rantsoenbalans samenhangen, kan ook de blogs lezen over penswerking, balancers en ruwvoergerichte voeding. Daarin wordt uitgebreider uitgelegd hoe verschillende onderdelen van het rantsoen elkaar beïnvloeden.
Tot slot
Likstenen zijn al lang onderdeel van de voeding van hobbydieren en kunnen zeker een functie hebben in een kudde. Tegelijk blijft het belangrijk om ze te zien als onderdeel van het geheel, niet als volledige oplossing.
Wie naar voeding kijkt als geheel - ruwvoer, mineralenvoorziening en vertering - krijgt vaak een stabieler rantsoen dan wanneer één product alle tekorten moet opvangen.
Praktisch toepassen?
Een goede balans begint bij ruwvoer en de juiste aanvulling.
Bekijk hier onze ruwvoermixen en balancers voor schapen en geiten: