Van melk naar ruwvoer: hoe leert een lam vast voer eten?

Een pasgeboren lam leeft de eerste periode vrijwel volledig van melk. Toch duurt het vaak niet lang voordat je het naast zijn moeder aan een plukje hooi ziet trekken, aan gras ziet knabbelen of nieuwsgierig met zijn neus in haar voer ziet verdwijnen.

In het begin wordt daar nog maar weinig van gegeten. Toch zijn die eerste hapjes belangrijk. Een lam wordt namelijk wel geboren met hetzelfde spijsverteringsstelsel als een volwassen schaap of geit, maar de pens moet zich nog verder ontwikkelen.

Langzaam verandert het lam van een melkdrinker in een echte herkauwer. Maar hoe verloopt die overgang? Wat kun je jonge lammeren aanbieden? En hebben ze daarvoor eigenlijk speciaal lammerenvoer nodig?

Een jong lam is nog geen echte herkauwer

Een volwassen schaap of geit haalt een groot deel van zijn voedingsstoffen uit ruwvoer. In de pens leven miljarden micro-organismen die vezels uit gras en hooi kunnen afbreken.

Bij een pasgeboren lam werkt dat systeem nog niet volledig.

Wanneer een jong lam melk drinkt, zorgt de slokdarmsleuf ervoor dat de melk grotendeels langs de pens wordt geleid en rechtstreeks in de lebmaag terechtkomt. Daar kan de melk worden verteerd. De pens speelt op dat moment nog maar een kleine rol in de voeding.

Dat verandert zodra het lam vast voer begint te eten.

De eerste hapjes gras en hooi

Lammeren beginnen vaak al op jonge leeftijd te proeven van wat hun moeder eet. Ze knabbelen aan hooi, trekken een paar grassprietjes uit de wei en proberen soms ook het voer uit de voerbak.

In eerste instantie gaat het om heel kleine hoeveelheden. Melk blijft dan nog veruit de belangrijkste voedingsbron.

Toch gebeurt er ondertussen iets belangrijks in het spijsverteringsstelsel. Zodra een lam vast voer begint te eten, ontwikkelt de pensflora zich verder. De micro-organismen in de pens gaan zich aanpassen aan het plantaardige voedsel dat binnenkomt en helpen dit steeds beter te verteren.

Ruwvoer heeft daarbij een belangrijke functie. De vezels stimuleren het kauwen en later ook het herkauwen en dragen bij aan de ontwikkeling van een gezonde, goed functionerende pens.

De overgang naar vast voer begint dus al lang voordat een lam geen melk meer drinkt.

Van proeven naar steeds meer ruwvoer eten

Naarmate een lam ouder wordt, zie je de verhouding langzaam veranderen. Het drinkt nog steeds bij de moeder, maar gaat daarnaast steeds grotere hoeveelheden gras, hooi en ander ruwvoer eten.

Dat is geen overgang die van de ene op de andere dag plaatsvindt. De pens wordt steeds actiever en het lam wordt steeds beter in staat om voedingsstoffen uit ruwvoer te halen. Uiteindelijk wordt ruwvoer de basis van het rantsoen, net zoals bij een volwassen schaap of geit.

Daarom is het belangrijk dat lammeren vanaf jonge leeftijd toegang hebben tot goed, smakelijk en vezelrijk ruwvoer en vers drinkwater, ook wanneer ze nog volop melk bij hun moeder drinken.

Een ruwvoermix kan juist in deze fase een mooie aanvulling zijn. Door de combinatie van verschillende grassen, kruiden en structuren valt er voor een jong lam veel te ontdekken en te proeven. Bèèhmix voor schapen en Mèèhmix voor geiten zijn vezelrijke ruwvoermixen en bevatten daarnaast al een balancer. Zo kan een lam eerst kleine hapjes mee-eten en krijgt het naarmate de opname toeneemt automatisch ook vitaminen, mineralen en sporenelementen binnen.

De eerste hapjes hoeven nog geen volledige maaltijd te zijn

Een jong lam hoeft nog niet direct een afgewogen hoeveelheid voer te eten. In het begin gaat het vooral om kennismaken met verschillende smaken en structuren. Melk levert nog het grootste deel van de voeding, terwijl ruwvoer steeds belangrijker wordt voor de ontwikkeling van de pens.

Het is daarom niet nodig om een jong lam zo snel mogelijk grote hoeveelheden brok te laten eten. Veel belangrijker is dat het leert om ruwvoer te eten en de pens de tijd krijgt om zich verder te ontwikkelen.

Heeft ieder lam speciaal lammerenvoer nodig?

Veel mensen hebben geleerd dat jonge lammeren speciaal lammerenvoer of lammerenbrok nodig hebben. Dat advies komt ergens vandaan.

Jonge dieren groeien en hebben daarvoor voldoende energie, eiwitten en andere voedingsstoffen nodig. Met een geconcentreerd lammerenvoer kunnen daarvan relatief grote hoeveelheden in een kleine portie worden aangeboden. Dat kan bijvoorbeeld nuttig zijn wanneer snelle groei of vroeg spenen gewenst is.

Maar dat betekent niet dat ieder lam automatisch grote hoeveelheden krachtvoer nodig heeft om gezond op te groeien.

Bij hobbydieren ligt het doel vaak anders. Een lam dat bij zijn moeder loopt, voldoende melk krijgt, gezond groeit en niet zo snel mogelijk op een bepaald gewicht hoeft te komen, mag veel geleidelijker opgroeien.

Goed ruwvoer kan daarbij al vanaf jonge leeftijd de basis vormen. Wanneer daarnaast wordt gezorgd voor voldoende vitaminen, mineralen en sporenelementen, kan het lam alles binnenkrijgen wat het nodig heeft voor een gezonde ontwikkeling, zonder dat grote hoeveelheden energierijk krachtvoer nodig zijn.

Zo ondersteun je de groei, zonder dat maximale groeisnelheid het uitgangspunt van de voeding hoeft te zijn.

Wanneer heeft een lam iets extra's nodig?

Niet ieder lam groeit onder dezelfde omstandigheden op. Een lam dat voldoende melk drinkt, goed groeit en steeds meer ruwvoer eet, heeft andere behoeften dan een lam dat achterblijft of waarvan de moeder weinig melk produceert.

In zo'n situatie hoeft de eerste stap niet automatisch krachtvoer te zijn. Een voedzame ruwvoermix met bijvoorbeeld luzerne kan extra eiwit en energie leveren en tegelijkertijd bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de pens.

Pas wanneer een lam daarmee onvoldoende binnenkrijgt om goed te groeien, kan een geconcentreerder voer nodig zijn.

Kijk daarom vooral naar het lam zelf. Zolang het goed groeit, actief is, een goede lichaamsconditie houdt en steeds meer vast voer gaat eten, is er meestal geen reden om alleen vanwege de leeftijd extra krachtvoer toe te voegen.

Wanneer heeft een lam geen melk meer nodig?

De overgang van melk naar ruwvoer verloopt bij lammeren die bij hun moeder opgroeien meestal heel geleidelijk.

Terwijl het lam steeds meer gras, hooi en ander ruwvoer gaat eten, wordt melk langzaam minder belangrijk. Ook de moeder speelt hierin een rol. Naarmate de lammeren ouder worden, zal een ooi of geit ze vaak steeds minder vaak laten drinken. Ze loopt bijvoorbeeld weg wanneer een lam probeert te drinken of duwt het weg. Op die manier wordt het drinken geleidelijk vanzelf afgebouwd.

Het exacte moment waarop dat gebeurt verschilt per moeder en per lam. Sommige moeders laten hun jongen nog lange tijd af en toe drinken, terwijl andere daar eerder genoeg van hebben.

Als de dieren bij elkaar kunnen blijven, hoeft de overgang daarom niet altijd door de houder op een bepaalde leeftijd geforceerd te worden. Het lam gaat vanzelf steeds meer vast voer eten en de moeder bepaalt mede hoe lang en hoe vaak het nog bij haar mag drinken.

Van lam naar herkauwer

De overgang van melk naar vast voer is veel meer dan alleen een verandering van het menu. Het hele spijsverteringsstelsel van het lam ontwikkelt zich mee.

De eerste nieuwsgierige hapjes hooi en gras lijken misschien onbelangrijk, maar vormen het begin van die ontwikkeling. Langzaam gaat het lam meer ruwvoer eten, ontwikkelt de pensflora zich verder en wordt het steeds minder afhankelijk van melk.

Daarom hoeft een jong lam niet zo snel mogelijk veel krachtvoer te eten of zo snel mogelijk groot te worden. Goed groeien is iets anders dan zo snel mogelijk groeien.

Door lammeren vanaf jonge leeftijd toegang te geven tot goed ruwvoer, vers water en een passende aanvulling, geef je ze de kans om stap voor stap uit te groeien tot gezonde volwassen herkauwers.


Ruwvoer als basis

Goed ruwvoer vormt vanaf de eerste hapjes de basis voor de ontwikkeling van een jonge herkauwer. Onze Bèèhmix voor schapen en Mèèhmix voor geiten sluiten daarop aan.

Bekijk hier onze voeders voor schapen en geiten.