Waarom het balancer-principe niet past bij varkens

Bij paarden, schapen en geiten wordt steeds vaker gewerkt met balancers: geconcentreerde aanvullingen met vitaminen, mineralen en eiwitten die naast ruwvoer worden gevoerd.

Dat werkt bij deze dieren goed, omdat gras, hooi of ander ruwvoer een groot deel van het natuurlijke rantsoen vormt. De balancer vult vervolgens aan wat daarin ontbreekt.

Bij varkens werkt dit principe niet.

Het dieet van een varken bestaat van nature namelijk niet voornamelijk uit gras of ruwvoer. Varkens zijn alleseters die een gevarieerd dieet opnemen van plantenresten, wortels, zaden, insecten en andere voedingsbronnen die ze al wroetend verzamelen.

Daardoor is er bij varkens geen duidelijke ruwvoerbasis waarop je eenvoudig een kleine aanvulling kunt afstemmen.

Varkens verteren anders

Naast het verschil in dieet werkt ook de vertering anders dan bij paarden en herkauwers.

Schapen en geiten halen een groot deel van hun voedingsstoffen uit fermentatie van vezels in de pens. Paarden benutten vezels voornamelijk via fermentatie in de dikke darm.

Varkens hebben daarentegen een eenmagige spijsvertering. Het grootste deel van de vertering vindt plaats in de maag en dunne darm, waar voedingsstoffen direct worden verteerd en opgenomen.

Hoe dit precies werkt, lees je uitgebreider in onze blog over de vertering van varkens.

Ruwvoer speelt een andere rol

Bij paarden, schapen en geiten kan ruwvoer een groot deel van de energie- en voedingsbehoefte leveren. Een balancer vult vervolgens de tekorten aan die in dat ruwvoer kunnen ontstaan.

Bij varkens werkt dit minder eenvoudig.

Hoewel vezels belangrijk zijn voor verzadiging en darmgezondheid, kunnen varkens niet dezelfde hoeveelheden structuur en ruwvoer benutten als paarden of herkauwers. Daardoor wordt het lastiger om een klein aanvullend product naast een basis van ruwvoer te voeren zonder dat de totale balans van het rantsoen verstoord raakt.

Balans tussen energie en voedingsstoffen

Bij varkens draait voeding sterk om de verhouding tussen energie, eiwitten, vezels, vitaminen en mineralen binnen het totale rantsoen.

Wanneer alleen een balancer wordt toegevoegd aan losse producten zoals brood, groente, fruit of beperkte hoeveelheden ruwvoer, blijft de samenstelling vaak wisselend. Hierdoor kan de verhouding tussen energie en voedingsstoffen alsnog uit balans raken.

Dat kan op langere termijn bijdragen aan tekorten of juist overgewicht. In onze blog over eiwittekort bij varkens leggen we uit hoe dit kan ontstaan.

Verzadiging speelt een grote rol

Bij hobbyvarkens speelt naast voedingswaarde ook verzadiging een belangrijke rol. Varkens besteden van nature veel tijd aan zoeken, eten en wroeten. Een rantsoen dat weinig volume of structuur bevat, verzadigt vaak minder goed.

Daardoor werkt een zeer geconcentreerde aanvulling, zoals een balancer, bij varkens minder logisch dan bij paarden of herkauwers. De basis van het rantsoen moet namelijk niet alleen voedingsstoffen leveren, maar ook bijdragen aan verzadiging en een stabiele vertering.

Dit speelt ook een belangrijke rol bij het voorkomen van overgewicht, zoals we uitleggen in onze blog over mini varkens en overgewicht.

Waarom complete voeding vaak beter werkt

Bij varkens werkt een complete voeding daarom vaak beter dan een losse aanvulling naast allerlei andere producten.

In een complete voeding zijn energie, eiwitten, vezels, vitaminen en mineralen beter op elkaar afgestemd. Hierdoor blijft de totale balans van het rantsoen stabieler en sluit het beter aan bij de behoefte van het dier.

Vooral bij hobbyvarkens en mini varkens, die gemakkelijk te veel of juist te weinig van bepaalde voedingsstoffen binnenkrijgen, helpt dit om voeding en conditie beter in balans te houden.

Tot slot

Het principe van een balancer werkt goed bij dieren waarbij ruwvoer de natuurlijke basis van het rantsoen vormt, zoals paarden, schapen en geiten.

Bij varkens ligt dat anders. Hun vertering, energiebehoefte en natuurlijke eetgedrag vragen om een andere aanpak, waarbij de totale samenstelling van het rantsoen belangrijk blijft.

Niet alleen losse voedingsstoffen zijn daarbij belangrijk, maar vooral hoe alles samenkomt in het totale voer.


Praktisch toepassen?

Bij varkens draait voeding niet alleen om een aanvulling, maar om de totale balans van het rantsoen. Een complete voeding met voldoende vezels en een samenstelling die past bij het dier helpt om vertering, verzadiging en conditie beter in balans te houden.

Bekijk hier ons varkensvoer

Bonte Bentheimer zeug