Schapen voeren voor beginners: alles wat je moet weten

Wat eet een schaap eigenlijk? Is gras en hooi voldoende, hebben schapen krachtvoer nodig en hoe weet je of je schaap de juiste vitaminen en mineralen binnenkrijgt? Wie zich voor het eerst verdiept in de voeding van schapen, komt al snel een hoop verschillende adviezen tegen.

Toch hoeft een goed rantsoen voor schapen niet ingewikkeld te zijn. Ruwvoer vormt altijd de basis, maar wat een schaap daarnaast nodig heeft, hangt onder andere af van leeftijd, conditie en levensfase. Een volwassen hobbyschaap heeft immers andere behoeften dan een groeiend dier, een drachtige ooi of een ooi die lammeren zoogt.

In deze blog beantwoorden we daarom de meest voorkomende vragen over het voeren van schapen. Van hooi, gras en mineralen tot krachtvoer, balancers en voeding tijdens dracht en lactatie. Zo kun je gemakkelijk naar de vraag scrollen waar jij antwoord op zoekt.

Wat eet een schaap?

Schapen zijn van nature grazers. Gras vormt een belangrijk deel van hun natuurlijke rantsoen, maar tijdens het grazen eten ze ook kruiden en andere planten die tussen het gras groeien.

Schapen eten niet zomaar alles wat ze tegenkomen. Ze kunnen behoorlijk selectief zijn en kiezen bijvoorbeeld bepaalde grassoorten, kruiden en jonge plantendelen boven minder smakelijke of stengelrijke planten.

Wil je weten welke takken, bladeren en kruiden je kunt aanbieden? Lees dan onze blog Welke bomen, struiken en kruiden mogen schapen en geiten eten?.

Wat is ruwvoer?

Ruwvoer is vezelrijk plantaardig voer dat de basis vormt van het rantsoen van een schaap. Gras en hooi zijn de bekendste vormen van ruwvoer, maar ook kruiden en andere vezelrijke planten die schapen tijdens het grazen opnemen vallen hieronder.

De naam ‘ruwvoer’ heeft vooral te maken met het relatief hoge gehalte aan ruwe celstof. Deze vezels worden voor een groot deel verteerd door de miljarden micro-organismen die in de pens van een schaap leven. Daarbij ontstaan voedingsstoffen die het schaap vervolgens kan gebruiken.

Meer weten over hoe dit werkt? Lees dan de blog De pens uitgelegd.

Ruwvoer zorgt daarnaast voor veel kauw- en herkauwactiviteit. Tijdens het kauwen maakt een schaap speeksel aan, wat helpt om het milieu in de pens stabiel te houden. Voldoende ruwvoer is daarom belangrijk voor een gezonde penswerking en spijsvertering.

Hebben schapen naast gras ook hooi nodig?

Ook wanneer schapen in de wei lopen, is het verstandig om hooi beschikbaar te hebben. Hoeveel ze daarvan eten, hangt af van de hoeveelheid en kwaliteit van het gras dat op dat moment beschikbaar is.

In het voorjaar kan jong gras bijvoorbeeld erg rijk en relatief arm aan structuur zijn. Een plotselinge overgang van hooi naar veel vers voorjaarsgras kan de pens verstoren. Laat schapen daarom geleidelijk wennen aan weidegang en zorg dat ze daarnaast hooi kunnen blijven eten.

Later in het seizoen kan het gras juist minder smakelijk of voedzaam worden, of simpelweg onvoldoende beschikbaar zijn. Schapen zullen dan vanzelf meer hooi opnemen. Ook in een kaalgegraasde weide is alleen het gras dat er nog staat natuurlijk geen volwaardig rantsoen.

Hooi vormt daarmee een stabiele bron van vezelrijk ruwvoer naast wisselend weidegras. In periodes waarin er weinig of geen geschikt gras beschikbaar is, zoals vaak in de winter, wordt hooi vanzelf een veel groter deel van het rantsoen.

Hoeveel hooi heeft een schaap nodig en moet je het onbeperkt aanbieden?

Als richtlijn kun je ervan uitgaan dat een schaap dagelijks ongeveer 1,5 tot 2% van zijn lichaamsgewicht aan droge stof uit ruwvoer nodig heeft. Droge stof is wat van het voer overblijft wanneer je het water eruit zou halen.

Een schaap van 60 kg dat 2% van zijn lichaamsgewicht aan droge stof nodig heeft, komt bijvoorbeeld uit op ongeveer 1,2 kg droge stof per dag. Hooi bestaat gemiddeld voor ongeveer 85% uit droge stof, waardoor dat neerkomt op ongeveer 1,4 kg hooi per dag wanneer hooi het volledige ruwvoerrantsoen vormt.

In de praktijk bied je liever wat meer aan dan deze berekende hoeveelheid. Er gaat altijd wat verloren en schapen moeten gedurende de dag voldoende ruwvoer kunnen opnemen. Hooi mag daarom in principe ruim beschikbaar zijn, waarbij je de conditie van de schapen in de gaten houdt.

Lopen de schapen op gras, dan telt het gras natuurlijk ook mee als ruwvoer. Hoe meer ze uit de weide opnemen, hoe minder hooi ze doorgaans zullen eten.

Welk hooi is geschikt voor schapen?

Voor de meeste hobbyschapen is gewoon droog hooi van goede kwaliteit een prima basis. Denk bijvoorbeeld aan de kleinere balen hooi die je bij een boer of ruwvoerleverancier kunt kopen. Het hooi moet droog en fris ruiken en vrij zijn van schimmel en veel stof.

Hooi is gras dat op het land ver is gedroogd voordat het wordt geperst. Daarnaast kun je ook voordroog of kuilgras tegenkomen. Voordroog bevat meer vocht dan hooi en wordt luchtdicht verpakt om het te conserveren. Kuilgras is doorgaans nog vochtiger en wordt veel gebruikt voor dieren met een hogere voedingsbehoefte, zoals melkvee.

Voor hobbyschapen is het vooral belangrijk dat het ruwvoer past bij hun voedingsbehoefte en conditie. Sobere rassen en volwassen schapen die gemakkelijk op gewicht blijven, hebben meestal geen bijzonder rijk ruwvoer nodig. Een goed, droog en vezelrijk hooi is dan een prima uitgangspunt.

Wat kun je een schaap naast gras en hooi geven?

Naast gras en hooi kunnen schapen ook kruiden en andere geschikte planten eten. In een gevarieerde weide zullen ze zelf tussen verschillende grassoorten en kruiden kiezen.

Ook bladeren en takken van geschikte bomen en struiken kunnen voor afwisseling zorgen. Denk bijvoorbeeld aan wilg, hazelaar, berk, populier en verschillende fruitbomen. Schapen eten hier vaak graag van en het geeft ze bovendien iets om aan te knabbelen.

Wat er beschikbaar is, verandert vanzelf met de seizoenen. In het voorjaar en de zomer is er meestal meer vers groen te vinden, terwijl hooi in de winter een groter deel van het rantsoen vormt. Het is niet nodig om het hele jaar door precies dezelfde soorten planten, kruiden of takken aan te bieden.

Wat is een ruwvoermix?

Een ruwvoermix is een mengsel van verschillende vezelrijke ruwvoerproducten, zoals grassen, kruiden, timothee en luzerne. Door verschillende soorten ruwvoer te combineren, kan een ruwvoermix extra variatie en structuur aan het rantsoen van schapen toevoegen.

Een ruwvoermix vervangt goed hooi of gras niet, maar kan naast het gewone ruwvoer worden gevoerd. Schapen krijgen zo verschillende planten en vezelbronnen aangeboden en kunnen langer bezig zijn met het opnemen van hun voer.

Niet iedere ruwvoermix is hetzelfde. Sommige bestaan uitsluitend uit verschillende soorten ruwvoer, terwijl andere ook een balancer bevatten. Zo'n mix levert naast vezels en structuur ook vitaminen, mineralen en sporenelementen.

In de blog Wat is een ruwvoermix? leggen we uitgebreider uit wat een ruwvoermix is en waar deze in het rantsoen past.

Krijgt een schaap uit gras en hooi alle vitaminen en mineralen die hij nodig heeft?

Gras en hooi bevatten van nature allerlei vitaminen, mineralen en sporenelementen. Hoeveel daarvan aanwezig is, verschilt echter onder andere door de bodem waarop het gras is gegroeid, de samenstelling van het gras en de manier waarop het ruwvoer is gewonnen en bewaard.

Daardoor levert een rantsoen van alleen gras en hooi niet automatisch alle vitaminen, mineralen en sporenelementen in de juiste hoeveelheden en verhoudingen. Een gerichte aanvulling kan daarom nodig zijn, bijvoorbeeld met een balancer die geschikt is voor schapen.

In de blog Waarom alleen hooi en gras niet voldoende zijn leggen we uitgebreider uit waarom aanvulling van het ruwvoer belangrijk kan zijn.

Hebben schapen koper nodig?

Ja. Koper is een essentieel sporenelement voor schapen en speelt onder andere een rol bij de weerstand, groei, vruchtbaarheid, pigmentvorming en ontwikkeling van botten en bindweefsel.

Toch hoor je nog vaak dat schapen helemaal geen koper zouden mogen krijgen. Dat is te kort door de bocht. Schapen hebben koper nodig, maar de behoefte en gevoeligheid voor een teveel verschillen tussen rassen. Sommige schapenrassen hebben relatief snel kans op een tekort, terwijl andere rassen koper juist gemakkelijker opstapelen.

Het is daarom niet verstandig om koper standaard te vermijden, maar ook niet om zonder rekening te houden met het ras extra koper te voeren. De hoeveelheid moet passen bij het schaap en het totale rantsoen.

In de blog Koper bij schapen uitgelegd lees je uitgebreider waarom koper belangrijk is en waarom het ene schapenras anders met koper omgaat dan het andere.

Hoe vul je vitaminen en mineralen bij een schaap aan?

Vitaminen, mineralen en sporenelementen kun je gericht aanvullen met een balancer die geschikt is voor schapen. Een balancer is aanvullend voer dat speciaal is samengesteld om deze voedingsstoffen in een relatief kleine dagelijkse hoeveelheid te leveren.

Je voert een balancer naast gras en hooi, waarbij de hoeveelheid meestal wordt afgestemd op het lichaamsgewicht van het schaap. Zo krijgt het dier iedere dag een vaste hoeveelheid vitaminen, mineralen en sporenelementen binnen, zonder dat je daarvoor veel extra energie hoeft te voeren.

Niet iedere balancer voor schapen heeft dezelfde samenstelling. Zeker bij schapen is het daarom belangrijk om te kijken of de samenstelling, waaronder het kopergehalte, past bij het ras en de rest van het rantsoen.

In de blog Wat is een balancer? leggen we uitgebreider uit wat een balancer doet en hoe deze in het rantsoen past.

Heeft een schaap naast een balancer ook een liksteen nodig?

Wanneer een schaap dagelijks de aanbevolen hoeveelheid van een balancer krijgt, is een mineralenliksteen daarnaast niet nodig. Zowel een balancer als een mineralenliksteen levert mineralen en sporenelementen, waardoor je verschillende aanvullingen onnodig met elkaar kunt stapelen.

Bij een liksteen weet je bovendien niet precies hoeveel ieder schaap ervan opneemt. Het ene dier likt er nauwelijks aan, terwijl een ander er veel gebruik van maakt. Daardoor is een liksteen minder geschikt om de dagelijkse voorziening van vitaminen, mineralen en sporenelementen gericht mee aan te vullen.

Een gewone zoutliksteen zonder toegevoegde vitaminen en mineralen kan wel naast een balancer worden aangeboden. Daarmee geef je schapen de mogelijkheid om extra zout op te nemen zonder tegelijkertijd allerlei andere mineralen en sporenelementen toe te voegen.

In de blog Wat doet een liksteen in het rantsoen? leggen we uitgebreider uit welke soorten likstenen er zijn en waar ze in het rantsoen passen.

Heeft een schaap krachtvoer nodig?

Niet ieder schaap heeft krachtvoer nodig. Een volwassen hobbyschaap dat niet drachtig is, geen lammeren zoogt en goed op gewicht blijft, kan vaak prima toe met goed ruwvoer en een passende aanvulling van vitaminen en mineralen.

Krachtvoer wordt vooral interessant wanneer een schaap meer energie en eiwit nodig heeft dan het basisrantsoen kan leveren. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn tijdens de laatste fase van de dracht, bij het zogen van meerdere lammeren of bij dieren die voor melkproductie worden gehouden.

Ook bij jonge schapen is krachtvoer niet automatisch noodzakelijk. Een lam dat rustig mag opgroeien als hobbydier heeft immers een ander groeidoel dan een lam dat in de veehouderij in korte tijd veel gewicht moet aankomen.

Let daarbij op dat ‘brok’ of ‘biks’ alleen iets zegt over de vorm van het voer. Zowel een balancer als krachtvoer kan in brokvorm worden verkocht. Krachtvoer is bedoeld om extra energie en vaak eiwit te leveren, terwijl een balancer vooral vitaminen, mineralen en sporenelementen aanvult zonder veel extra energie toe te voegen.

Kijk daarom niet alleen naar de naam op de zak, maar vooral naar het soort voer, het doel ervan en het aanbevolen voeradvies.

In de blog Ik geef maar een klein beetje brok, maar werkt dat eigenlijk wel? leggen we uitgebreider uit waarom de hoeveelheid die je voert moet passen bij het voer dat je kiest.

Heeft een schaap tijdens de dracht en lactatie extra voer nodig?

Tijdens de dracht verandert de voedingsbehoefte van een ooi. Vooral in de laatste weken van de dracht neemt de behoefte toe, omdat de lammeren dan het snelst groeien. Tegelijkertijd nemen de lammeren steeds meer ruimte in de buik in, waardoor de ooi minder ruimte heeft om grote hoeveelheden ruwvoer op te nemen.

Toch heeft niet iedere drachtige ooi automatisch krachtvoer nodig. De kwaliteit van het ruwvoer, haar conditie en het aantal lammeren dat ze draagt spelen daarbij een belangrijke rol. Een ooi met een meerling kan bijvoorbeeld een aanzienlijk hogere voedingsbehoefte hebben dan een ooi die één lam draagt.

Na het aflammeren stijgt de behoefte verder door de melkproductie. Een ooi die een lam zoogt vraagt minder van haar lichaam dan een ooi die twee of drie lammeren grootbrengt. Wanneer goed ruwvoer alleen niet voldoende energie en eiwit levert, kan passend krachtvoer nodig zijn.

Blijf tijdens zowel de dracht als lactatie vooral de conditie van de ooi volgen en pas het rantsoen daarop aan.

In de blog Voeding bij dracht en lactatie: wat hebben ooi, geit en lam nodig? gaan we uitgebreider in op het voeren tijdens deze verschillende fases.

Hebben jonge schapen speciaal voer nodig?

Jonge schapen zijn nog volop in de groei, maar dat betekent niet automatisch dat ze speciaal of energierijk opfokvoer nodig hebben. Na het spenen vormt goed ruwvoer ook voor jonge schapen de basis van het rantsoen, aangevuld met voldoende vitaminen, mineralen en sporenelementen.

Hoeveel extra energie en eiwit een jong schaap nodig heeft, hangt onder andere af van het groeidoel. Een lam dat als hobbydier rustig mag uitgroeien heeft een andere voedingsbehoefte dan een lam dat in de veehouderij in korte tijd veel gewicht moet aankomen.

Een jong schaap dat gezond is, goed groeit, voldoende ruwvoer eet en mooi op conditie blijft, hoeft daarom niet alleen vanwege zijn leeftijd krachtvoer te krijgen. Wel is het belangrijk om de groei en conditie te blijven volgen en het rantsoen aan te passen wanneer dat nodig is.

Welke snacks mag een schaap?

Schapen hebben geen snacks nodig, maar je kunt ze af en toe wel iets extra’s geven. Kleine hoeveelheden geschikte groenten of fruit kunnen bijvoorbeeld als tussendoortje worden gegeven. Met fruit is het verstandig om terughoudend te zijn vanwege het suikergehalte.

Brood kun je beter niet geven. Het bevat veel zetmeel en past niet goed bij het vezelrijke rantsoen waarop de pens van een schaap is ingesteld.

Ook bij kant-en-klare schapensnoepjes is het verstandig om naar de ingrediënten te kijken. Dat iets als ‘snack voor schapen’ wordt verkocht, betekent niet automatisch dat het een logische keuze is. Sommige snacks bestaan voor een groot deel uit granen en bevatten bijvoorbeeld melasse.

Wil je graag een kant-en-klaar snoepje geven, dan kunnen ruwvoersnoepjes die voornamelijk uit vezelrijke ruwvoerproducten bestaan een betere keuze zijn. Deze worden vaak voor paarden verkocht, maar kunnen qua samenstelling ook geschikt zijn voor schapen. Controleer ook daarbij altijd de ingrediënten.

Welke snack je ook kiest: houd het bij een kleine hoeveelheid. Ruwvoer blijft de basis van het rantsoen.

Meer weten over geschikte traktaties? In onze blog Wat mogen schapen en geiten als snack? lees je welke extraatjes je kunt geven en wat je beter kunt vermijden.

Hoe weet je of een schaap genoeg voer krijgt?

Of een schaap genoeg voer krijgt, kun je het beste beoordelen aan de conditie van het dier. Alleen kijken naar hoeveel een schaap eet of hoe groot zijn buik eruitziet, zegt namelijk niet zoveel. De pens kan ervoor zorgen dat een schaap een flinke buik heeft, terwijl het dier toch te mager is.

Met een Body Condition Score (BCS) beoordeel je de hoeveelheid vet- en spierweefsel door op vaste plekken van het lichaam te voelen, vooral rond de rug en lendenen. Bij schapen is voelen extra belangrijk, omdat de wol gemakkelijk kan verbergen hoe mager of juist vet een dier werkelijk is.

Controleer de conditie daarom regelmatig en kijk vooral naar veranderingen over langere tijd. Wordt een schaap te mager, dan kan het rantsoen onvoldoende energie leveren. Wordt het juist te vet, dan krijgt het waarschijnlijk meer energie binnen dan het nodig heeft.

In de blog Body Condition Score bij schapen en geiten: zo beoordeel je conditie leggen we stap voor stap uit hoe je de conditie van een schaap kunt beoordelen.

Hoe verander je het rantsoen van een schaap?

Verander het rantsoen van een schaap altijd geleidelijk. De micro-organismen in de pens zijn aangepast aan het voer dat een schaap gewend is en hebben tijd nodig om zich aan ander voer aan te passen. Een plotselinge verandering kan de penswerking verstoren en bijvoorbeeld dunne mest veroorzaken.

Stap je over op een andere balancer of ander aanvullend voer, meng het nieuwe voer dan gedurende meerdere dagen steeds wat meer door het oude voer. Bouw het oude voer tegelijkertijd langzaam af. Ook veranderingen in het ruwvoer kun je het beste geleidelijk doorvoeren.

Komen er nieuwe schapen bij je wonen? Vraag dan aan de vorige eigenaar wat en hoeveel ze gewend zijn te eten. Het kan handig zijn om voor de eerste dagen wat van het oude voer mee te krijgen, zodat je thuis rustig kunt overstappen.

Ook de overgang van hooi naar veel vers gras in het voorjaar is een verandering van het rantsoen. Laat schapen daarom geleidelijk wennen aan weidegang en zorg dat ze daarnaast hooi kunnen blijven eten.

Hoeveel water heeft een schaap nodig?

Schapen moeten altijd onbeperkt toegang hebben tot schoon en vers drinkwater. Hoeveel een schaap daadwerkelijk drinkt, verschilt onder andere door het weer, het soort voer dat het eet en de levensfase. Een ooi die melk produceert heeft bijvoorbeeld een grotere waterbehoefte dan een volwassen schaap in onderhoud.

Daarom is het niet nodig om een vaste hoeveelheid water per schaap af te meten. Zorg er vooral voor dat er altijd voldoende beschikbaar is en controleer de drinkbakken regelmatig.

Ook de kwaliteit van het water is belangrijk. Houd drinkbakken vrij van mest, voerresten, algen en andere vervuiling en maak ze regelmatig schoon. Bij gebruik van bron- of oppervlaktewater is het verstandig extra aandacht te besteden aan de waterkwaliteit.

Controleer in de winter bovendien regelmatig of het drinkwater niet bevroren is en bereikbaar blijft.

Moet je een gecastreerde ram anders voeren?

Bij een gecastreerde ram, ook wel een hamel genoemd, is het verstandig om extra aandacht te besteden aan het rantsoen. Hamels hebben een verhoogd risico op urinestenen, waarbij onder andere de mineralenbalans, voldoende wateropname en het totale rantsoen een rol spelen.

Ruwvoer vormt ook voor een hamel de basis. Een volwassen hamel die als hobbydier wordt gehouden heeft meestal een lage energiebehoefte en heeft daarom doorgaans geen krachtvoer nodig. Een passende balancer kan worden gebruikt om vitaminen, mineralen en sporenelementen aan te vullen zonder onnodig veel extra energie te voeren.

Let daarnaast op de verhouding tussen calcium en fosfor in het totale rantsoen en zorg altijd voor onbeperkt schoon drinkwater.

Laat je bij de keuze van voer niet alleen leiden door teksten als ‘speciaal voor rammen’ of ‘geschikt voor hamels’ op de verpakking. Zo'n voer kan nog steeds krachtvoer zijn en meer energie leveren dan een volwassen hobbyhamel nodig heeft. Kijk daarom altijd naar wat voor soort voer het is, de samenstelling en het voeradvies.

In de blog Urinestenen bij bokken en rammen leggen we uitgebreider uit hoe urinestenen ontstaan en welke rol voeding daarbij speelt.

Moet je in de winter hetzelfde voeren als in de zomer?

De basis van het rantsoen blijft het hele jaar hetzelfde: voldoende geschikt ruwvoer en een passende voorziening van vitaminen en mineralen. Het seizoen verandert daar niets aan.

In de zomer kan vers gras een groot deel van het ruwvoer leveren. Dat betekent alleen niet dat een schaap of geit daardoor automatisch voldoende vitaminen en mineralen binnenkrijgt. Ook tijdens heel warm weer, wanneer dieren soms minder ruwvoer eten, blijft die behoefte bestaan. Blijf een balancer daarom volgens het normale voeradvies geven, ook wanneer de ruwvoeropname tijdelijk wat lager ligt.

Andersom betekent koud weer niet automatisch dat je extra krachtvoer moet gaan voeren. Gezonde volwassen schapen en geiten kunnen zich goed aanpassen aan kou. Voldoende ruwvoer is daarbij juist belangrijk: bij de vertering van vezels in de pens komt warmte vrij.

Zie je dat je dieren ondanks voldoende ruwvoer afvallen of veel staan te bibberen, dan kan extra energie nodig zijn. Dat hoeft niet direct uit krachtvoer te komen. Je kunt bijvoorbeeld ook kiezen voor voedzamer ruwvoer, zoals voordroog.

Het seizoen kan dus reden zijn om het rantsoen wat bij te sturen, maar de basis blijft hetzelfde: ruwvoer en een passende aanvulling van vitaminen en mineralen.

Wil je hier meer over weten? Lees dan onze blogs Waarom schapen en geiten niet alleen in de winter extra voeding nodig hebben, Kou en voeding bij schapen en geiten en Schapen en geiten tijdens een hittegolf: waar moet je op letten?

Hoe kies je geschikt schapenvoer?

Kijk bij het kiezen van schapenvoer niet alleen naar de naam of claims op de voorkant van de verpakking. Onder samenstelling vind je welke grondstoffen in het voer zitten. Deze staan op volgorde van hoeveelheid: het ingrediënt dat vooraan staat, zit er dus het meeste in.

Staan granen zoals tarwe, gerst of maïs vooraan in de samenstelling, dan vormen deze een belangrijk deel van het voer. Zo'n voer levert doorgaans relatief veel zetmeel en energie. Dat kan passen bij een schaap met een hogere voedingsbehoefte, maar is niet automatisch nodig voor een volwassen hobbyschaap.

Kijk daarnaast altijd naar het voeradvies. Voer wordt samengesteld voor een bepaalde dagelijkse hoeveelheid. Geef je structureel veel minder dan wordt geadviseerd, dan krijgt het schaap ook minder van de toegevoegde vitaminen, mineralen en sporenelementen binnen dan waarvoor het voer is samengesteld.

Bij schapen is het daarnaast verstandig om naar het kopergehalte te kijken en rekening te houden met het ras. Zoals we hierboven al zagen, verschilt de koperbehoefte en -gevoeligheid tussen schapenrassen.

De naam op de zak vertelt dus niet automatisch wat voor soort voer je in handen hebt. De samenstelling, voedingswaarde en het voeradvies vertellen je veel meer over hoe het voer in het rantsoen past.

Wil je precies weten wat alle informatie op een voeretiket betekent? In de blog Hoe lees je een voeretiket? leggen we de samenstelling, analytische bestanddelen en toevoegingsmiddelen uitgebreider uit.


Nog meer weten over schapenvoeding?

Deze gids geeft je een goede basis voor het voeren van schapen, maar er valt nog veel meer te ontdekken over voeding, vertering en het samenstellen van een passend rantsoen.

In onze kennisbank vind je uitgebreide artikelen over onderwerpen zoals koper bij schapen, voeding van oudere schapen, de overgang van melk naar vast voedsel bij lammeren, gebitsproblemen, kruidenweides, voeren in de winter, dracht en lactatie en nog veel meer praktische onderwerpen waar je als schapenhouder mee te maken kunt krijgen.

Kameroen ooi

Welk Veldvoer past bij jouw schaap?

Geen enkel schaap heeft automatisch hetzelfde voer nodig. Daarom sluiten onze voeders aan op verschillende manieren waarop je het basisrantsoen van gras en hooi kunt aanvullen.

Bèèhlancer vult het ruwvoer gericht aan met vitaminen, mineralen en sporenelementen, zonder onnodig veel extra energie toe te voegen. Bèèhmix combineert verschillende soorten ruwvoer met een balancer en voegt daarmee naast vitaminen en mineralen ook extra structuur en variatie toe aan het rantsoen.

Welke aanvulling het beste past, hangt af van je schaap, het ruwvoer en de voedingsbehoefte. Met onze voedingsadvies-keuzehulp kun je eenvoudig bekijken welke optie bij jouw situatie past.

Bekijk ons schapenvoer